Spring naar inhoud

Toelichting op de onderscheiden posten van de balans

Toelichting op de onderscheiden posten van de balans

Vaste activa

1.1.2 Materiële vaste activa

    aanschafprijs 01-01-2020 afschrijving cumulatief 01-01-2020 boekwaarde 01-01-2020 investeringen 2020 mutatie 2020 afschrijving 2020 boekwaarde 31-12-2020
                 
1.1.2.1 Gebouwen en terreinen  110.955.229   42.859.449   68.095.780   1.608.139   4.633.391   3.831.930   70.505.380 
1.1.2.3 Inventaris en apparatuur  37.339.524   30.792.517   6.547.007   2.575.042   1.562.127   7.559.922 
  Lease Capgemini (0050; jr 2010-2013)  1.059.179   1.059.179 
  Project Capgemini  4.137.020   4.137.020 
  Lease Capgemini (0071; jr 2014-2020)  5.648.373   3.920.692   1.727.681   1.810.592   522.348‑  686.148   2.329.777 
1.1.2.4 Overige materiële vaste activa  419.112   279.625   139.487   17.155   26.549   130.094 
1.1.2.5 Vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering en vooruitbetaald  1.910.678   1.910.678   6.723.621   4.633.391‑  4.000.908 
                 
  Materiële vaste activa  161.469.115   83.048.482   78.420.633   12.734.549   522.348‑  6.106.754   84.526.080 

Toelichting:

1.1.2.1 Gebouwen en terreinen
In de post gebouwen en terreinen is opgenomen de reguliere investeringen en afschrijvingen. De mutatie 2020 betreft de geactiveerde investeringen in het ver-/ nieuwbouwproject aan de Voltastraat in Hoogeveen.

1.1.2.3 Inventaris en apparatuur
Lease Capgemini zijn de investeringen als gevolg van het (financial lease) contract met Capgemini. Door de financial leaseconstructie is het Alfa-college geen juridisch eigenaar van deze investeringen.  Het project Capgemini betreft de investeringen in de infrastructuur als gevolg van de outsourcing van de IT-diensten.

1.1.2.4 Overige materiële vaste activa
Onder deze post staan de investeringen in het huurpand LOC+ Hardenberg.

1.1.2.5 Vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering en vooruitbetaald
Hieronder is opgenomen de activa ten aanzien van voornamelijk de ver-/ nieuwbouw aan de Voltastraat in Hoogeveen welke per balansdatum nog niet in gebruik is genomen of is opgeleverd.

1.1.3 Financiële vaste activa

    boekwaarde 01-01-2020 investering verstrekt desinvestering afgelost resultaat deelnemingen overige mutaties boekwaarde 31-12-2020
               
1.1.3.2 Deelneming LOC+ Hardenberg  8.855.930   167.618‑  8.688.312 
  Coop. Netwerk ZON  2.269   2.269 
               
  Financiële vaste activa  8.858.199   167.618‑  8.690.581 

Toelichting:


1.1.3.2 Deelneming LOC+ Hardenberg
In 2006 is de CV LOC+ te Hardenberg opgericht ten behoeve van de bouw van het Lokaal Opleidingen Centrum. De totale kapitaalstorting van het Alfa-college bedraagt € 11,0 mln. Het totale belang van het Alfa-college in de CV LOC+ is 37,07%. De mutatie in 2020 betreft een kapitaalterugstorting over de jaren 2018 en 2019 conform de in 2020 nieuw aangegane overeenkomst.

De overige onder de verbonden partijen opgenomen organisaties worden niet meegeconsolideerd, aangezien er gebruik wordt gemaakt van de vrijstelling van de consolidatieplicht vanwege de geringe omvang die de organisatie hebben (RJ217.304). De aanbeveling vanuit de RJ, 5% balanstotaal ten opzichte van het geconsolideerde balanstotaal, alsmede de impact de omzet en het resultaat, wordt niet overschreden.

1.2.2 Vorderingen

    31-12-2020
EUR
  31-12-2019
EUR
 
           
1.2.2.1 Debiteuren algemeen    461.650     622.077 
1.2.2.4 Vorderingen op groepsmaatschappijen    398.029     533.109 
1.2.2.7 Vorderingen op deelnemers    831.601     704.524 
1.2.2.8 Overige overheden    2.659.774     2.120.313 
1.2.2.10 Overige vorderingen    235.318     10.803 
1.2.2.12 Vooruitbetaalde kosten    763.448     733.815 
1.2.2.15 Overige overlopende activa    4.290     14.573 
  Omzetbelasting 4e kwartaal    16.270     101.496 
           
1.2.2.16 Af: Voorzieningen wegens oninbaarheid        
  Stand per 1-1  267.530‑  347.492‑  
  Onttrekking  31.007     124.444   
  Dotatie  75.567‑    112.804‑  
  Vrijval    68.322   
       312.090‑    267.530‑
           
  Vorderingen    5.058.291     4.573.180 

Toelichting:


1.2.2.4 Vorderingen op groepsmaatschappijen
De vordering op groepsmaatschappijen is lager dan voorgaand jaar voornamelijk als gevolg van een openstaande vordering op de deelneming LOC+ ad € 0,3 mln. in 2019 die in 2020 is voldaan.

1.2.2.8 Overige overheden
Dit betreft de vorderingen op gemeenten, provincies en andere overheidsinstellingen.

1.2.2.19 Overige vorderingen
De overige vorderingen zijn toegenomen ten opzichte van 2019 voornamelijk als gevolg van een openstaande vordering.

1.5.9 Voorziening dubieuze debiteuren
De voorziening bestaat voornamelijk uit de posten die bij het incassobureau liggen.

1.2.4 Liquide middelen

    31-12-2020
EUR
  31-12-2020
EUR
 
           
1.2.4.1 Kasmiddelen  12.389     24.217   
1.2.4.2 Tegoeden op Bankrekeningen  30.194.123     30.738.656   
           
  Liquide middelen    30.206.512     30.762.873 

2.1 Eigen vermogen

    Stand per 01-01-2019 resultaat 2019 overige mutaties stand per 31-12-2019 resultaat 2020 overige mutaties stand per 31-12-2020
                 
2.1.1.1 Algemene reserve  52.353.134   4.560.068   56.913.202   5.106.457   62.019.659 
                 
2.1.1.2 Bestemmingsreserve publiek              
  Reserve vavo  649.897   73.107   723.004   209.239‑ 0  513.765 
  Reserve contractactiviteiten  25.924‑  25.924  0
  Reserve cursusgeld  1.468.615   216.062   1.684.677   278.886  0  1.963.563 
   2.092.588   289.169   25.924   2.407.681   69.647  0  2.477.328 
                 
2.1.1.3 Bestemmingsreserve privaat              
  Reserve inburgering  317.001   219.308   536.309   71.728‑  464.581 
  Reserve contractactiviteiten  51.031   25.924‑  25.107   813‑  24.294 
     317.001   270.339   25.924‑  561.416   72.541‑  488.875 
                 
2.1.1.8 Statutaire reserves (Stichtingskapitaal)  1.066   1.066   1.066 
               
  Eigen vermogen  54.763.789   5.119.576   59.883.365   5.103.563   64.986.928 

Toelichting:


2.1  Eigen vermogen
Er zijn geen bepalingen ten aanzien van reserves in de statuten opgenomen, met uitzondering van het stichtingskapitaal (2.1.1.8). 
Het resultaat is verwerkt conform het voorstel tot bestemming van het resultaat in hoofdstuk 10.

2.1.1.1 Algemene reserve
Ingevolge de Wet educatie en beroepsonderwijs wordt het resultaat, met uitzondering van de
mutaties in de bestemmingsreserves, toegevoegd aan de algemene reserve. 

2.1.1.2 Bestemmingsreserve publiek
De reserves vavo, contractactiviteiten, educatie en cursusgeld zijn in vorige boekjaren gevormd en er is aan alle gevormde reserves door het College van Bestuur een beperkte bestedingsmogelijkheid gegeven.             
Er is een bestemmingsreserve VAVO gevormd vanuit de jaarlijks behaalde resultaten uit het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs, conform het besluit van het College van Bestuur. Middels deze bestemmingsreserve kunnen onvoorziene financiële tegenvallers gedekt worden. Deze reserve dient binnen 3 jaar na het vormen ervan te worden benut.
De bestemmingsreserve contractactiviteiten is in het verleden gevormd door het College van Bestuur aangezien het regulier bekostigd onderwijs niet ten koste mag gaan van de activiteiten en resultaten van contractonderwijs. Tot boekjaar 2019 was deze reserve negatief en als publiek aangemerkt. In boekjaar 2019 is het negatieve resultaat omgezet in een positief resultaat door een deel van het private resultaat in te zetten middels een overige mutatie.
De bestemmingsreserve cursusgeld mag worden benut wanneer de door het Ministerie ingehouden cursusgelden op basis van de t-2 systematiek, in enig boekjaar hoger zijn dan dat er aan studenten is gefactureerd.    

2.1.1.3 Bestemmingsreserve privaat
De bestemmingsreserve Inburgering betreft een in 2017 nieuw gevormde bestemmingsreserve. Dit betreft een private bestemmingsreserve gevormd vanuit het behaalde resultaat op inburgeringsactiviteiten. Het negatieve saldo ultimo 2017 is met het positieve resultaten in 2018 en 2019 omgezet in een positief saldo waaruit het negatieve resultaat 2020 gedekt kan worden.
De bestemmingsreserve contractactiviteiten betreft de reeds bestaande bestemmingsreserve voor contractactiviteiten welke tot boekjaar 2019 was opgenomen als een publieke reserve. Het betreft hier private activiteiten en derhalve is het resultaat 2020 opgenomen in een private bestemmingsreserve.

2.2 Voorzieningen

    stand per 01-01-2020 dotaties 2020 onttrekking 2020 vrijval 2020 stand per 31-12-2020 kort dl <1jr langl dl 1-5jr langl dl >5jr
2.2.1 Personeelsvoorzieningen                
  Wachtgelden  2.862.883   1.321.183   1.116.895   292.784   2.774.387   987.049   1.631.612   155.726 
  Langdurig ziekteverzuim  229.842   319.438   229.107   320.173   317.163   3.010 
  Transitievergoeding  59.808   55.491   11.147   26.356   77.796   77.796 
  Duurzame inzetbaarheid  1.592.914   730.823   25.137   114.968   2.183.632   271.283   1.027.560   884.788 
  Ambtsjubileum  1.530.295   309.365   56.773   107.329   1.675.558   48.186   396.713   1.230.660 
  Voorzieningen  6.275.742   2.736.299   1.439.059   541.437   7.031.546   1.701.477   3.058.894   2.271.174 

Toelichting:


2.2.1. Personeelsvoorzieningen
Wachtgelden: De wachtgeldvoorziening bestaat uit de huidige verplichtingen ten aanzien van de toekomstige uitkeringslast. Het uitgangspunt van de berekening van deze verplichting zijn alle ex-medewerkers van het Alfa-college die recht hebben op een WW-uitkering alsmede de prognose van WWplus betreffende de maand december 2020, waarin alle rechthebbenden op de bovenwettelijke wachtgelduitkering vermeld staan. De verplichting betreft verplichtingen tot het uitkeren van werkloosheiduitkeringen (tot en met boekjaar 2022) en de bovenwettelijke uitkering (tot en met boekjaar 2033) aan oud-werknemers, aangezien het Alfa-college hiervoor eigen risicodrager is.

De inschatting van de verplichtingen zijn op persoonsniveau berekend. Bij het bepalen van de hoogte van de verplichting is op persoonsniveau door de adviseur mobiliteit van het Alfa-college een inschatting gemaakt van de kans op het vinden van werk. Hiervoor voeren zij gesprekken met betrokkenen en/of met het door het Alfa-college ingehuurde re-integratiebureau. Voor het bepalen van de kans hanteren zij de volgende criteria:

  1. leeftijd van de ex-mederwerk(st)er,
  2. omstandigheden die geleid hebben tot het ontslag,
  3. persoonlijke omstandigheden/karakter van de ex-medewerk(st)er,
  4. arbeidsmarkt-courantheid.


Langdurig ziekteverzuim: In de voorziening langdurig ziekteverzuim is opgenomen de verplichting, die het Alfa-college heeft, tot het in de toekomst doorbetalen van beloningen aan personeelsleden die op balansdatum naar verwachting blijvend geheel of gedeeltelijk niet in staat zijn om werkzaamheden te verrichten, waarbij geldt dat:

  1. een zieke medewerker langer dan 42 aaneengesloten weken, hetgeen neerkomt op 294 dagen, verzuimd moet hebben;
  2. de ziekte of arbeidsongeschiktheid naar verwachting gedurende het resterende dienstverband niet wordt opgeheven; er zal dus geen sprake zijn van volledige re-integratie.


Transitievergoeding: De voorziening transitievergoeding betreft een reservering voor de wettelijke te betalen transitievergoeding aan medewerkers met een “tijdelijk” contract. 
Bij de berekening van deze voorziening is er van uit gegaan dat 19% van de tijdelijke contracten niet zal worden verlengd op basis van het gemiddelde van de afgelopen 4 boekjaren. 

Duurzame inzetbaarheid: De voorziening duurzame inzetbaarheid bestaat uit de verplichtingen ten aanzien van de regeling seniorenverlof en is tegen contante waarde gewaardeerd. 
Bij de berekening is uitgegaan van de populatie vaste medewerkers binnen het Alfa-college in de leeftijdscategorie 52- tot en met 67-jarigen met een dienstverband binnen de cao >5 jaar aaneengesloten en met een werktijdfactor-omvang van minimaal 0,4. Bij de berekening is rekening gehouden met dezelfde blijfkans als gebruikt voor de ambtsjubileumvoorziening (zie hieronder). Er is geen rekening gehouden met indexatie van het salaris van de in de voorziening opgenomen medewerkers. Bij de bepaling is tevens gebruikgemaakt van een inschatting van de gebruikmakingskans. Deze is voor 2020 gesteld op 26,96%.
In de voorziening zijn de volgende categorieën meegenomen: 

  • werknemers die in 2020 aan alle criteria van de regeling voldoen en tevens gebruik maken van de regeling;
  • werknemers die in 2020 aan alle criteria van de regeling voldoen, echter geen gebruik maken van de regeling;
  • werknemers die binnen 5 jaar aan de criteria van de regeling gaan voldoen (categorie D). 

Voor deze categorieën is gebruik gemaakt van de gegevens over 2020.

In de mutatie van de voorziening is voor een bedrag aan € 53.145 aan rente-effect verwerkt. Voor een nadere toelichting wordt verwezen de 'schattingswijziging voorzieningen' zoals opgenomen onder hoofdstuk 4 van de jaarrekening.

Ambtsjubileum: De ambtsjubileumvoorziening bestaat uit de huidige verplichting ten aanzien van toekomstige uitkeringen van jubileum gratificaties, conform cao MBO. De voorziening is tegen contante waarde gewaardeerd.
Bij de berekening is uitgegaan van de populatie medewerkers met een vast dienstverband binnen het Alfa-college per ultimo 2020. Deze populatie bestaat uit 22- tot en met 66-jarigen met een blijfkans oplopend van 15% naar 95%. Bij de berekening van de blijfkans is tevens rekening gehouden met de actuele gegevens van het CBS inzake de levensverwachting. Er is  rekening gehouden met indexatie van het salaris van de in de voorziening opgenomen medewerkers.

In de mutatie van de voorziening is voor een bedrag aan € 117.311 aan rente-effect verwerkt. Voor een nadere toelichting wordt verwezen de 'schattingswijziging voorzieningen' zoals opgenomen onder hoofdstuk 4 van de jaarrekening.

    stand per 01-01-2020 correctie op beginstand aangegane leningen aflossing overige mutatie stand per 31-12-2020 looptijd <1 jaar looptijd 1 - 5 jaar looptijd >5 jaar Rentevoet
                       
2.3.5 Schulden aan Ministerie van Financiën                    
Ministerie van Financiën (574)  6.450.000   430.000   6.020.000   430.000   1.720.000   4.300.000  3,39%
Ministerie van Financiën (575)  4.750.000   316.667   4.433.333   316.667   1.266.667   3.166.667  3,78%
  Ministerie van Financiën (2736)  9.600.000   9.600.000   9.600.000  0,10%
  Ministerie van Financiën (3303)  15.300.000   850.000   14.450.000   850.000   3.400.000   11.050.000  0,79%
     36.100.000   1.596.667   9.600.000   24.903.333   11.196.667   6.386.667   18.516.667   
                       
2.3.7 Overige langlopende schulden                    
  Capgemini  1.112.384   461.299‑  1.810.592   948.501   1.513.176   845.586   1.513.176  4,50%
     1.112.384   461.299‑  1.810.592   948.501   1.513.176   845.586   1.513.176   
                       
  Totaal  37.212.384   461.299‑  1.810.592   2.545.168   9.600.000   26.416.509   12.042.253   7.899.842   18.516.667   

Toelichting:


2.3.5 Overige langlopende schulden
De aflossing voor het jaar 2021 ad € 12,0 mln. is opgenomen onder kortlopende schulden 2.4.1 kredietinstellingen.

Er is een kredietfaciliteit aangegaan voor LOC+ te Hardenberg, op basis van gemeentegarantie, ad € 9,6 mln. Deze gemeentegarantie heeft een looptijd tot en met september 2021. De overige mutatie betreft de kortlopende verplichting tot aflossing en is opgenomen onder 2.4.1. Met het Ministerie van Financiën is reeds contact gezocht om deze leningsfaciliteit te herfinancieren. 
Er is een recht tot eerste hypotheek afgegeven aan het Ministerie van Financiën op de panden van het Alfa-college voor een totaalbedrag van € 39,6 mln.

Volgens opgave van het ministerie bedraagt de reële waarde van de langlopende schulden die zijn afgesloten bij het Ministerie van Financiën respectievelijk € 8.140.516 (lening 574), € 6.142.731 (lening 575) en € 16.304.551 (lening 3303). Om deze marktwaarde te bepalen heeft het ministerie alle toekomstige kasstromen contant gemaakt met de rentecurve van 31 december 2020.

De schuld bij Capgemini betreft de schuld inzake het (financial lease) contract. Aangezien in dit contract geen te betalen rentepercentage wordt vermeld, is de nominale rentevoet gesteld op 4,5%. De nominale leasebetalingen voor de periode langer dan een jaar na balansdatum bedragen € 1.513.176. De leasebetalingen die als last zijn verwerkt in 2020, bedragen € 948.501. De correctie beginstand betreft een correctie aangezien de investeringen in 2019 te hoog waren gewaardeerd welke in 2020 is gecorrigeerd.

2.4 Kortlopende schulden

    31-12-2020
EUR
31-12-2019
EUR
       
2.4.1 Schulden aan kredietinstellingen  12.042.254   2.248.377 
2.4.7 Vooruit gefactureerde termijn projecten  4.031.357   2.120.343 
2.4.8 Crediteuren  3.162.750   2.996.118 
2.4.9 Belastingen en premies sociale verzekeringen  3.551.805   3.705.171 
2.4.10 Pensioenen  1.035.411   1.043.117 
2.4.12 Accountants- en administratiekosten  96.000   66.273 
2.4.14 Vooruitontvangen subsidies OCW  1.797.548   2.163.469 
2.4.17 Vakantiegeld en vakantiedagen  2.837.881   2.807.525 
2.4.18 Te betalen interest  184.659   194.356 
2.4.19 Overige overlopende passiva  1.306.817   1.898.644 
       
  Kortlopende schulden  30.046.482   19.243.393 

Toelichting:

2.4.1 Schulden aan kredietinstellingen
Onder deze post is de aflossing van de langlopende leningen weergegeven voor het kalenderjaar 2021. Zie tevens 2.3.

2.4.7 Vooruit gefactureerde termijn projecten
Het bedrag ad € 4,0 mln. bestaat voornamelijk uit vooruitontvangen en nog te besteden projectgelden. Tevens is in dit saldo opgenomen vooruitgefactureerde omzet vavo, vooruitgefactureerde omzet contractactiviteiten en vooruitgefactureerde bijdragen keuzevakken. De toename ten opzichte van 2019 wordt veroorzaakt door het nog te besteden deel van een vooruitonvangen subsidie vanuit de Gemeente Emmen ter hoogte van € 1,7 mln. ten behoeve van het project Skills4Future.

2.4.14 Vooruitontv. subsidies OCW 
Het bedrag ad € 1,8 mln. betreft de nog te besteden geoormerkte (€ 1,7 mln.) en niet-geoormerkte subsidies (€ 0,1 mln.) ontvangen vanuit het Ministerie. 
Van het saldo nog te besteden geoormerkte subsidies heeft € 0,4 mln. betrekking op subsidies met een verrekeningsclausule. Een specificatie hiervan is opgenomen in Model G2. De overige € 1,3 mln. heeft betrekking op subsidies zonder verrekeningsclausule zoals de subsidie voor studieverlof BVE, voorziening leermiddelen minimagezinnen, subsidie zij-instroom en de nog te besteden subsidie voor Inhaal- en Ondersteuningsprogramma opgenomen in Model G1.
Het saldo nog te besteden niet-geoormerkte subsidies bedraagt € 0,1 mln. en bestaat uit de nog te besteden middelen kwaliteitsafspraken mbo 2019-2022.

2.4.19 Overige overlopende passiva
De overige overlopende passiva bestaan uit diverse nog te ontvangen facturen voor o.a. huur en detacheringen. In 2019 was in dit saldo tevens de nog te betalen eenmalige uitkering conform cao MBO opgenomen. Dit verklaart het verschil tussen het saldo 2020 en 2019.

Volgend hoofdstuk: 6 Model G: verantwoording subsidies